geschiedenis breien...
 


De breikunst wordt al duizenden jaren beoefend. Hoe het ooit is uitgevonden, is echter een mysterie.
Zelfs het land en het globale moment van de oorsprong zijn onbekend. Sommigen geloven dat de breikunst is uitgevonden in Perzië, anderen menen dat in Israël, Jordanië, Syrië of Noord-Afrika de oorsprong van het breiwerk ligt.
Er zijn gebreide sokken aangetroffen in Egyptische graven met een datering tussen de 3de en 6de eeuw na Christus, deze Koptische sandaalsokken bleken evenwel niet vervaardigd uit één lange, enkele, doorlopende draad, maar uit verschillende kortere draden. In de Middeleeuwen was breien in Europa een belangrijke industrie, vrouwen sponnen de wol terwijl de mannen weefden en breiden.
In 1527 werd in Parijs het eerste breiersgilde opgericht, en andere Europese steden hadden al snel daarna elk hun eigen breiersgilde. Vrouwen werden niet toegelaten tot het ambacht, met uitzondering van weduwen die na de dood van hun man zijn werk verderzetten.
Een gildeleerling moest een leertijd van 6 jaar doorlopen, waarna hij als meesterstukken een wollen buis, een vilten baret, een paar kousen en een bont karpet moest maken. Oorspronkelijk was breien beperkt tot sokken en kousen. Voordat breien hiervoor gebruikt werd, werden deze voet - en beenbedekkingen gemaakt uit geweven stoffen. Later werden meer en meer andere kledingstukken gebreid.
In 1589 werd de eerste breimachine uitgevonden door de Engelsman William Lee. Deze werd eeuwenlang gebruikt.
In 1864 vond William Cotton uit Leicestershire de full-fashioned machine uit. Vanaf de 19e eeuw werden de breimachines mechanisch aangedreven. Tegelijkertijd verschenen ook rondbreimachines op het toneel, waarmee kousen gebreid konden worden. In deze periode konden de machines echter nog niet meerderen of minderen. Daardoor sloten deze producten niet erg fraai om het been. De uitvinding van nylon rond 1940 betekende een ware revolutie, omdat dit materiaal in de vorm van een been kon worden gebracht door het te verhitten.
In de twintigste eeuw konden de breimachines steeds sneller breien, en werden de mogelijkheden voor patroonbreien steeds groter. Tegenwoordig bestaan er computergestuurde breimachines die zeer veelzijdig zijn. Gebreide kledingstukken zijn nu gemeengoed, zonder dat een breister er vele uren aan bezig hoeft te zijn.